Zum Hauptinhalt springen
Alle sectoren Risico: mittel

Financiele sector: Greenwashing 2026

De financiele sector staat centraal in de EmpCo-richtlijn en de toenemende regulering van duurzame financiele producten (SFDR). Vooral "groene" financiele producten zoals fondsen en obligaties lopen een verhoogd handhavingsrisico, omdat consumenten en institutionele beleggers bij investeringsbeslissingen sterk letten op duurzaamheidsaspecten. De BaFin-procedures (Bundesanstalt fur Finanzdienstleistungsaufsicht, de hoogste Duitse toezichthouder voor financiele diensten) tegen DWS in 2022/23 hebben aangetoond dat misleidende informatie over ESG-integratie en gebrek aan transparantie tot aanzienlijke sancties kunnen leiden. In Nederland houdt de AFM (Autoriteit Financiele Markten) toezicht op soortgelijke verplichtingen; de ACM (Autoriteit Consument & Markt) treedt op bij misleidende handelspraktijken op grond van art. 6:193c BW (het Nederlandse equivalent van § 5 UWG). Vanaf 27 september 2026 verscherpt de EmpCo-richtlijn de eisen aan de openbaarmaking van duurzaamheidsinformatie. Generieke beweringen zoals "duurzame belegging" of "ESG-conform" zonder concrete onderbouwing zijn ingevolge Bijlage I nr. 2 UCPD (zoals omgezet in Boek 6 BW) niet toegestaan. In het bijzonder is de bewering "klimaatneutraal" ingevolge Bijlage I nr. 4a per definitie verboden wanneer zij berust op CO2-compensatie. Financiele dienstverleners moeten hun marketingcommunicatie aanpassen en waarborgen dat alle duurzaamheidsclaims worden onderbouwd door transparante gegevens, meetbare criteria en erkende standaarden (zoals SFDR, EU-taxonomie en GRI). Duidelijke communicatie over de ESG-methodiek en openbaarmaking van de onderliggende databronnen zijn essentieel om sommaties en boetes te voorkomen. De nadruk op concrete reductiedoelstellingen en het vermijden van louter offsetting zijn eveneens cruciale elementen om te voldoen aan de vereisten van de EmpCo-richtlijn.

Typische claims in Financiele sector

  • duurzame belegging"
  • groen fonds"
  • ESG-conform"
  • impact investing"
  • CO2-neutraal portfolio"

Concrete voorbeelden (rood/oranje)

  • "Groen fonds" zonder transparante SFDR-classificatie (art. 8/9)
  • "ESG-conforme obligaties" zonder openbaarmaking van ESG-criteria en ratings
  • "CO2-neutraal portfolio" uitsluitend op basis van compensatie zonder reductiedoelstellingen

EmpCo-conforme alternatieven

In plaats van: Duurzame belegging"
Beter: Fonds belegt minimaal 70% in ondernemingen met een MSCI ESG-rating van BBB of hoger (methodiek openbaar beschikbaar, peildatum 31-12-2025)."
Waarom: Generieke term vervangen door meetbare criteria; voldoet aan art. 6:193c BW (misleidende handelspraktijken, equivalent van § 5 UWG) en SFDR-vereisten.
In plaats van: Groen fonds"
Beter: SFDR art. 9-fonds dat uitsluitend belegt in duurzame investeringen conform de EU-taxonomie; jaarlijkse Principal Adverse Impact-verklaring beschikbaar."
Waarom: Concrete classificatie conform SFDR; voorkomt schending van Bijlage I nr. 2 UCPD (nu omgezet in art. 6:193c BW) en EmpCo-bepalingen.

Aanbevelingen

  • Naleving van de SFDR-verordening (openbaarmakingsverplichtingen art. 8/9)
  • Transparante presentatie van de ESG-methodiek en databronnen
  • Toetsing van de EU-taxonomie-conformiteit van de investeringen
  • Vermijden van generieke uitspraken zoals "duurzaam" zonder nadere specificatie
  • Duidelijke communicatie over compensatiemechanismen (indien van toepassing)

Erkende certificaten

SFDR (Sustainable Finance Disclosure Regulation)
EU-verordening inzake openbaarmaking van duurzame financiele producten (art. 8/9).
EU-Taxonomie
Classificatie van duurzame economische activiteiten conform EU-regelgeving.
GRI (Global Reporting Initiative)
Internationale standaard voor duurzaamheidsverslaggeving.

Relevante uitspraken

BaFin (Bundesanstalt fur Finanzdienstleistungsaufsicht, de hoogste Duitse toezichthouder voor financiele diensten) · Geen rechtstreeks vergelijkbare uitspraken, BaFin-procedures · 2023
BaFin-procedures tegen DWS (2022/23) toonden aan dat onvoldoende ESG-integratie en misleidende informatie in verkoopmateriaal tot aanzienlijke sancties kunnen leiden. De AFM (Autoriteit Financiele Markten) hanteert vergelijkbare handhavingsbevoegdheden voor in Nederland gevestigde aanbieders.

Veelgestelde vragen

Wat betekent SFDR art. 8/9?

Art. 8-fondsen bevorderen ecologische of sociale kenmerken; art. 9-fondsen beleggen duurzaam en hebben een concreet ESG-doel. De classificatie moet transparant worden openbaar gemaakt. De AFM (Autoriteit Financiele Markten) houdt toezicht op de naleving voor in Nederland aangeboden producten.

Mag ik nog adverteren met "CO2-neutraal"?

Nee. Conform EmpCo Bijlage I nr. 4a is de bewering "klimaatneutraal" op basis van offsetting per definitie verboden. Alleen aantoonbare reductie van de CO2-voetafdruk is toelaatbaar; compensatie mag slechts als aanvulling worden vermeld met vermelding van de gehanteerde methodiek (bijv. Gold Standard of VCS).

Welke gevolgen dreigen bij misleidende ESG-claims?

Naast sommaties van concurrenten en consumentenorganisaties kunnen de BaFin (voor in Duitsland gevestigde aanbieders) en de AFM (Autoriteit Financiele Markten, voor in Nederland gevestigde aanbieders) boetes opleggen. Ook de ACM (Autoriteit Consument & Markt) kan optreden bij misleidende handelspraktijken jegens consumenten op grond van art. 6:193c BW. Reputatieschade is een bijkomend, aanzienlijk risico.

Is uw Financiele sector website getroffen?

Gratis check — u weet het binnen 30 seconden.

Nu controleren